overdracht
Uiterlijk
- Geluid: overdracht (hulp, bestand)
- IPA: / ˈovərˌdrɑxt / (3 lettergrepen)
- over·dracht
- afleiding van de stam van overdragen met het achtervoegsel -t [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | overdracht | overdrachten |
| verkleinwoord | - | - |
- officieel iets in handen van de andere partij geven
- De overdracht van het nieuwe huis vindt morgen plaats.
- iets overbrengen van de ene naar de andere persoon
- ▸ Hoe belangrijk kinderen zijn in de overdracht van het virus is op dit moment niet duidelijk.[2]
- ▸ Het komt erop neer dat de grootste technische uitvinding, het schrift, bepaalde menselijke capaciteiten, in dit geval bijvoorbeeld de herinnering en de mondelinge overdracht van verhalen, overbodig maakt.[3]
- (natuurkunde) het doorgeven van kracht of energie van het ene lichaam op het andere
- Bij wrijving vindt er overdracht van energie plaats, waarbij bewegingsenergie dissipeert naar warmte.
|
|
- overdrachtelijk, overdrachts-rna, overdrachtsbelasting, overdrachtsformulier, overdrachtsfunctie, overdrachtsinkomen, overdrachtskost, overdrachtskosten, overdrachtssnelheid, overdrachtsuitgaven, overdrachttaks
- Het woord overdracht staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "overdracht" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[4] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ Roel Coutinho“Epidemieën en pandemieën” (2020), Athenaeum - Polak & Van Gennep
, ISBN 9789025310592 - ↑ Hans Achterhuis“De erfenis van de utopie” (1998), Ambo/Anthos uitgevers
, ISBN 9026315244 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -t in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Natuurkunde in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 98 %